ArChie zei:
Via wel medium komt volgens jou het signaal vanaf het wijkcentrale bij de groepsversterkers en de eindversterkers? Is dat via glasvezel of via coax bekabeling?
Momenteel is de situatie zo dat er glasvezel ligt tot aan het Wijkcentrum.
Hier wordt middels zogenaamde AM-VSB zenders en ontvangers, de koppeling geregeld tussen glas en coax.
Via de glasvezel komt het hele HF spectrum binnen middels AM-VSB modulatie.
Na de demodulatie komt het HF spectrum als zodanig beschikbaar voor het achterliggende coaxiale net.
Voor het retoursignaal wordt stapeling toegepast. Dat wil zeggen dat meerdere retourbanden van de coaxsegmenten in een spectrum worden geplaatst om via glasvezel te worden verzonden.
Dus 1 segment wordt 1 op 1 in frequentie omgezet, een volgend segment wordt in frequentie vermenigvuldigd zodat dit complementair past boven het spectrum van het eerste segment.
Dit stapelen kan tot de grenzen zijn bereikt van wat als totaal spectrum nog gemoduleerd kan worden in AM-VSB binnen de glasvezeltechniek.
In de oude totaal coaxiale tijd kwam in een wijkcentrum de VHF rechtstreeks binnen vanuit de Trajectversterkers en werd de UHF verkregen middels reconversie. In verband met demping werd in het aanvoernet alleen de VHF gebruikt. Standaard kanalen in de VHF 1,2 en 3 band werden niet omgezet en de kanalen buiten de officiële omroepbanden werden geconverteerd naar de UHF voor de abonnee's.
In een Wijkcentrum zat toen per kanaal een cassette die alleen het ene kanaal versterkte.
Voor iedere extra zender die doorgegeven zou worden, moest dus in alle Wijkcentra een extra kanaalcassette worden geplaatst.
Met de AM-VSB techniek is dat verleden tijd geworden en wordt in het Wijkcentrum alleen nog maar het op het lichtsignaal in AM-VSB gemoduleerde totale HF spectrum, gedemoduleerd om vervolgens in zijn geheel op het coaxiale netwerk te worden gezet.
Frequentiewijzigingen en uitbreidingen (aanpassen raster) kunnen in het Lokaal Station geregeld worden en komen automatisch door bij de abonnee. De AM-VSB ontvanger demoduleert gewoon het via glas binnengekomen HF spectrum. Als dat spectrum wordt aangepast bij de AM-VSB zender aan het begin van het glasnet, komt dat dus uiteindelijk vanzelf door bij de abonnee.
Van oorsprong toen het kabelnet alleen werd gebruikt voor distributie van tv en radio, waarbij elke abonnee hetzelfde spectrum diende te krijgen, kon dus simpelweg met 1 raster een totale stad worden voorzien.
Tegenwoordig moet er onderscheid gemaakt worden tussen de tv en radiosignalen, analoog en digitaal, enerzijds en de on-demand streams en internetstreams anderzijds.
Waar de RTV signalen gewoon van nature gedeeld kunnen worden zonder probleem, ligt dit anders met de specifiek van de abonnee's afhankelijke vraag naar capaciteit voor on-demand en internet. Ook dat zijn gewoon HF signalen binnen het spectrum maar anders dan bij 1 richting RTV distributie, is hier sprake van interactiviteit. De beschikbare capaciteit is dan ook afhankelijk van de vraag van de abonnee's.