Laat ik voorop stellen dat ik de column van Mark Giesbers ten zeerste waardeer. Ik ben het weliswaar niet eens met een aantal aspecten, maar de column geeft wel inzicht in de wijze waarop UPC -naar de toekomst kijkend- produkten en diensten verder wil ontwikkelen. En dat is op zichzelf goed, want het geeft UPC-gebruikers de gelegenheid om daarin mee te gaan, maar ook om tegengas te geven bij ongewenste effecten daarin (bedoeld dan wel onbedoeld). De responses verschaffen in ieder geval enig inzicht aan UPC hoe 'men' daar tegenover staat....
Ik wil in deze bijdrage aan de discussie aangeven dat technology-driven ontwikkeling -ook door UPC- veel breder is (en meer maatschappelijke effecten met zich meebrengt) dan het louter focusen op wat er 'tv/video-wise' mogelijk aan gaat komen. Technologische vooruitgang heeft niet alleen effecten op de wijze waarop (massa)communicatie plaatsvindt, maar daarmee ook op de inhoud van die (massa)communicatie. "The Medium IS the Message".
Marshall McLuhan publiceerde bijna 50 jaar geleden daarover in zijn boek "Understanding Media: The Extensions of Man" [1964].
Een (summiere) samenvatting daarvan is voor geinteresseerden hier te vinden: https://www.leaderu.com/orgs/probe/docs/mcluhan.html
Mijn kommentaren op de (gequote) inhoud :
Hoe kijkt de Nederlander morgen, volgend jaar, of over – noem eens iets - 10 jaar televisie? Als televisie-aanbieder, en in het geval van UPC als kabelbedrijf, moet je daar regelmatig bij stil staan. Dat inzicht gebruik je dan in de verdere ontwikkeling van je diensten en product. We doen dat niet alleen omdat wij een bedrijf willen zijn dat voorop loopt in innovatie, dat de veranderingen maakt in plaats van volgt, maar omdat ontwikkelingen nu eenmaal zo snel gaan dat je ook als grote technologie-gedreven organisatie binnen slechts enkele jaren de boot flink kunt hebben gemist.
Kijk in andere sectoren maar eens naar grootheden van weleer als Kodak en Nokia. Ze droegen als geen ander bedrijf bij aan de groei van een industrietak, maar zijn er inmiddels niet meer of hun beurswaarde is in slechts een paar jaar tijd bijna volledig verdampt.
Dat is allemaal waar. Alhoewel ik bedenkingen heb bij "...wij een bedrijf willen zijn dat voorop loopt in innovatie". De wil is er wellicht wel, maar de realisatie lijkt mij nog ver te zoeken. Ook in het verleden was er weinig sprake van innoverend beleid: als de kabelaars in 2003 wel met KPN in zee waren gegaan voor de aanleg van glasvezel in heel Nederland zou dat wel het geval zijn geweest. En zou UPC nu ook een glasvezeldienstenprovider (en wellicht -Operator) zijn. Maar de opstelling van de kabelaars was uiterst behoudend, niet innovatief :
Uit FTTH Business Guide 2012 V3.0 - m..n. over het (langlopende) glasvezeltraject in Amsterdam :
.....The first step was to ascertain whether the incumbent operator KPN or the cable TV companies had any intention of deploying fibre in Amsterdam. This seemed like a possibility in 2003, when KPN published the “Delta Plan Fibre” outlining a vision for bringing fibre to the whole of the Netherlands in collaboration with the cable companies. But the cable operators weren’t interested (cable was fast enough, they claimed), and the plan was dropped.
Er bestonden vroeger ook industrietakken die in korte tijd volledig obsolete werden: Twee marktleiders (USA) van het produkt 'haarnetjes voor dames' gingen kompleet kopje-onder doordat ze niet in de gaten hadden -of wilden hebben- dat 'haarlak spuitbussen' het 'produkt van de toekomst' werd en hen volledig ging wegvagen. En aldus geschiedde.
Vervang 'haarnetjes' door kabeldienstenproviders en 'haarlak spuitbussen' door glasvezeldienstenproviders en je kunt de analogie aanvoelen.
Of niet natuurlijk...:-).
Afstandsbediening
Een van de ‘million dollar questions’ voor ons is: op basis waarvan besluit iemand eigenlijk precies waar hij of zij op TV naar kijkt? Wat mij betreft is het duidelijk: de tijd dat programmaraden, zendermanagers en omroepdirecteuren bepaalden wat wij leuk vonden om te zien en in welke volgorde, heeft in elk geval zijn beste tijd gehad. Vooruit, nog steeds kijken honderdduizenden mensen op zaterdagavond trouw naar het hele menu dat RTL4, Nederland 1 of SBS6 hen voorschotelt, maar die groep wordt wel gestaag kleiner. En de techniek heeft daar een leidende rol in gespeeld. De afstandsbediening bijvoorbeeld leerde een hele generatie onder meer naar twee programma's tegelijk kijken. Toevallig overleed eerder deze week Eugene Polley, de man die in 1955 voor de firma Zenith de eerste afstandsbediening voor TV’s ontwikkelde. Het apparaat van Polley, die zelf dankzij zijn uitvinding ook wel de ‘zaptsaar’ genoemd werd, was overigens een nogal curieus zap-pistool waarmee de tevreden loungende TV-kijker met een ‘flash of magic light’ de televisie bestuurde. Het geheel werd aangeprezen met kreten als: “Ook handig om het geluid uit te zetten bij vervelende lange commercials!” en “Absoluut onschadelijk voor mensen!”. Ja, marketing was duidelijk ook toen al een vak apart.
Helemaal mee eens. Echter, in die tijd (1955) en ook nog tot rond 1975-1980 ontstond er nog geen 'zap-rage' in Nederland. Het TV-bestel bestond nog grotendeels uit publieke omroepen. En die hadden ook een culturele en educatieve taak die _jammer genoeg_ vrijwel volledig verdwenen is in het huidige, overweldigende aanbod van commerciele eenheidsworst die alleen maar uiterst vervlakkend werkt. Het jaarlijkse aanbod van programma's die het niveau brengen van VPRO's "Zomergasten" is op de vingers van 2 handen te tellen. Ik wijt dat aan de opkomst van commerciele TV (die toendertijd in NL nog alleen bestond uit streng gereguleerde reclameblokken op vaste tijd).
Hoe dat er toen al aan toe ging in andere -"technologisch 'verder' ontwikkelde"- landen heb ik aan den lijve mogen ondervonden.
Toen ik in het begin van de 70-er jaren voor wat langere tijd in de USA vertoefde ergerde ik mezelf daar rot aan de slechte TV-beeldkwaliteit, maar nog meer aan de massa onderbrekingen van programma's met reclame.
- De TV-premiere van "West Side Story" (een lange film van 3-3,5 uur) nam 2 volledige avonden in beslag met na elke 5-6 minuten uitzending een onderbreking van 4-5 minuten voor commercials.
- "And now a word from our sponsor..": Ochtendnieuwslezers die tussen het nieuws door even een hap "Brinta-pap" tot zich namen.
- Elkaar beconcurrerende automerken vertoonden spotjes waarin plaatselijke dealers elkaars produkten afkraakten en elkaar verrot scholden.
Om terug te komen op die zap-rage en zapgedrag: de irritatiegraad over commercials was en is ook nu in NL zodanig hoog dat veel mensen 'muten' of 'zappen' naar andere zenders als de commercials beginnen. Dat is ook een effect van de extreme vercommercialisering van het medium TV.
Ja, technologische 'vooruitgang' brengt ook onbedoelde effecten met zich mee.
Altijd.
Op maat gemaakte televisieavond
Maar de distributieketen, in ons geval de aanbieder, moet inspelen op de TV-kijker die een ervaring wil die op dat moment precies bij hem of haar past. Een ervaring die ‘m in de door hem gewenste stemming brengt. Vraag is: hoe selecteren we voor die kijker precies dat TV-programma, die serie of film, kortom de goede content? En hoe doe je dat voor miljoenen huishoudens tegelijk en (nog veel belangrijker) op maat gemaakt?
Het alleen maar verschaffen van een overzicht, een EPG, heeft op termijn geen meerwaarde. Ik ben er van overtuigd: de mate waarin UPC de rol kan vervullen om al die mensen, of ze nou gemakzuchtig zijn of juist heel actieve kijkers, precies de goede content te kunnen bieden op het juiste moment (en via het gewenste device) is een belangrijke succesfactor in de toekomst. Verworden tot een 'dumb bit pipe' die het overweldigende aanbod alleen maar aflevert, is wat mij betreft geen optie.
Niet een EPG, maar een online, uptodate en voor eindgebruikers toegankelijke SQL-database met daarin uitgebreide (en intelligent georganiseerde) zoekmogelijkheden op genre (zeer uitgebreid), geografie, taal, onderwerp (zeer uitgebreid), datering, populariteit, waardering, beschikbaarheid, etc., zou mijn voorkeur hebben boven irritante (want niet uit te schakelen?) on-screen aanbevelingen die gebaseerd zijn op 'community intelligence'.
Ik heb in dat laatste niet zoveel vertrouwen. De intelligentie van massa's is een ongrijpbaar begrip. Kolkende massa's in voetbalstadions komen mij voor de geest....
En TV, of liever gezegd video is daarvan een mooi voorbeeld. Hoe help je iemand op weg in 150 TV-kanalen, 2000 uur ‘video on demand’, miljoenen uren video op het internet? Om in die enorme hooiberg te zoeken naar wat waardevol is, lijkt onbegonnen werk. Maar bedrijven die vijftien jaar geleden nog niet eens bestonden, hebben het antwoord gegeven. De intelligentie moet je niet in huis willen halen, de intelligentie zit in de community zelf! Vrijwel ongemerkt zijn we dat principe op heel veel plekken al normaal en handig gaan vinden. Amazon stuwt haar omzet dankzij tips die gepaard gaan met het simpele “Others who bought this book, also bought…” We boeken geen kamer meer in dat ene op-de-foto-zo-enig-lijkende hotelletje zonder even op Zoover te kijken en te lezen wat die 37 reviewers er van vonden. Grote kans bovendien dat je een artikel ergens op een nieuwssite net even iets eerder aanklikt als het door 12 van je Facebook-vrienden wordt geliked. En zo is het met video content ook.
Zoals boven aangegeven: niet voor mij. Ik weet het, dat is zeer subjectief, maar de diepgang in sociale media is ver te zoeken. Ik heb er niets mee.
Miljoenen zendermanagers
Met het aanbieden van ratings door anderen, aanbevelingen op basis van jouw eigen kijkgedrag en andere slimme tools heeft de TV-kijker binnenkort toegang tot een miljoenenleger aan 'zendermanagers'. Die op een effectieve manier onderscheid aanbrengen in die enorme hooiberg vol content. En dan bedoel ik dus niet dat je even op de iPhone de IMDB-rating van een film checkt voor dat je die bestelt. Da’s niet nieuw of verrassend. Maar wel dat je als TV-kijker nog beter geholpen kunt zijn in een situatie waarin je settop box je meldt: “Je vond gisteren Heroes toch leuk? Dus heb ik Touch alvast voor je opgenomen.” Of: “Ik heb 4 andere programma’s gevonden die lijken op je favoriete show over Australië op Discovery Channel, wil je ze nu zien?“
Nee dus. Ik wens de keuze (van wat ik wil zien) helemaal aan mijzelf houden.
Voor het eerst ontketenen we zo op de televisie, in veel huishoudens het meest dominante scherm, dezelfde collectieve kracht als we nu al dankzij internet ervaren. Ons eigen project ‘Horizon’ is daar een voorbeeld van. TV en internet convergeren daarbij echt. En met name de collectieve intelligentie van miljoenen TV-kijkers gaat het verschil maken. Niks domme bitpijp. Het draait om het faciliteren van de kijker, die in de exploderende hoeveelheid content makkelijk de weg moet vinden met behulp van collectieve intelligentie en ‘n visueel mooie, intuïtieve interface.
Nee dus.
Deze push-technology spreekt mijn in het geheel niet aan. Voor mij houdt interactieve TV met gebruikmaking van het internet meer in.
Waar blijft de interactiviteit van de klantzijde (pull-technology) bij kabel-tv? Met onvoldoende upload snelheden (asymmetrisch) komt dat echt niet van de grond.
We staan aan de vooravond van een dosis ‘persoonlijke controle’ die net zo belangrijk gaat worden als Eugene Polley en zijn zapkanon destijds. We maken namelijk straks het verschil door die rol als helpende hand, als slimme gids dus.
Mee eens, maar dan blijft mijn voorstel over een user-interface naar een slimme SQL-database overeind. Ook die kun je in een mooie interface inbouwen. En in een zenderkanaal - niet onscreen
Irritante popups? Nee, dankuwel, ik ben ze liever kwijt.
Netwerktechnologie, snelheden, verbindingen - hoe belangrijk ook voor ons bedrijf – spelen straks alleen nog een faciliterende rol. TV-aanbieders die dat niet begrijpen, bestaan over 10 jaar niet meer. En nu ’s kijken wat jullie ervan vinden…
Als UPC netwerktechnologie, snelheden, verbindingen alleen nog een faciliterende rol toekent, dan onderkent UPC klaarblijkelijk niet dat -over zeg 10 jaar- een wereldwijd netwerk van gigabit (en multi-gigabit) glasvezelnetwerken wellicht toegang kunnen bieden tot alle content van de hele "global village". En dat zullen kabel-TV-aanbieders wellicht niet meemaken - bij ongewijzigd beleid.