Ernie-UPC zei:
Omdat de andere kabelaars nog steeds niet voor één standaard hebben gekozen en daardoor o.a. niet in staat zijn interactieve applicaties te kunnen aanbieden, zoals de VoD applicatie. Als andere kabelaars straks overgaan op bijvoorbeeld OpenTV zal er ook een beperkte keuze komen in Set Top Box mogelijkheden.
Het is een lastige discussie...UPC heeft gekozen voor beheersbaarheid en wij kunnen daardoor sneller nieuwe diensten introduceren. Dus aan de ene kant een beperktere keuze in hardware maar wel meer mogelijkheden in het aanbieden van nieuwe diensten. En voor de één is dit belangrijker dan de ander.
Er zal in Europa ongetwijfeld een standaard komen, net als in Amerika, waardoor er uiteindelijk en alle diensten aangeboden kunnen worden en er meer keuze is in hardware, en wellicht ook ongedwongen. Maar zolang die er niet is heeft UPC ervoor gekozen om snel nieuwe en interactieve diensten te kunnen aanbieden, in een gecontroleerde omgeving. En dus Set Top Boxen die voldoen aan de eisen die nodig zijn om die diensten te kunnen aanbieden.
Als je niet echt weet hoe digitale TV technisch in elkaar zit dan lijkt het me ook niet verstandig dat je dit soort uitspraken doet. UPC past in principe net als de overige kabelbedrijven in Nederland de DVB specificaties toe voor digitale TV. Aangezien het digitale TV signaal verzonden wordt via de kabel zijn ook de DVB-C (cable) specificaties van toepassing voor de verzending van het signaal. Bij UPC wordt gebruik gemaakt van een symbol rate van 6900 en QAM64 terwijl de overige kabelbedrijven in Nederland hebben gekozen voor een symbol rate van 6875 en QAM64. Bij UPC kan je met behulp van standaard DVB-C apparatuur zonder speciale aanpassingen voor een bepaald kabelbedrijf zoals bijvoorbeeld in een aantal TV's van Loewe, Sony, Sharp, Metz en TechniSat zit met deze instellingen daarom gewoon de digitale TV Transport Streams (TS) vinden net als bij de overige kabelbedrijven van Nederland. Als UPC de DVB specificaties niet zou toepassen dan zou dergelijke apparatuur immers helemaal geen kaas kunnen maken van het digitale TV signaal van UPC en niet de digitale TV kanalenlijst weten weer te geven.
Voor zover UPC digitale kanalen niet voorziet van encryptie, lees de ongecodeerde kanalen (ook wel Free-To-Air (FTA) of Free-To-Cable (FTC) genoemd) kan dergelijke standaard DVB-C apparatuur ook de digitale TV kanalen weergeven. De Transport Stream is immers volgens de DVB specificaties opgebouwd waaraan dergelijke standaard DVB-C apparatuur zich houdt. De digitale kanalen die wel voorziet zijn van encryptie, lees de gecodeerde kanalen, past UPC net als bij de overige kabelbedrijven in Nederland het zogenaamde Common Scrambling Algorithm (DVB-CSA) toe. Een standaard manier om encryptie toe te passen op de data pakketjes van een kanaal. Het verschil tussen UPC en de overige kabelbedrijven in Nederland is de manier waarop de benodigde decryptie keys worden aangemaakt en verzonden die nodig zijn voor de decryptie van die gecodeerde kanalen. UPC heeft daarbij gekozen voor het Nagravision Conditional Access System (CAS) en de overige kabelbedrijven in Nederland voor het Irdeto 2 CAS. Beide Conditional Access Systems voldoen echter gewoon aan de Conditional Access specificatie van DVB (DVB-CA), dus ook hier geen afwijking van de DVB specificaties. UPC en de overige kabelbedrijven hadden net zo goed kunnen kiezen voor het Conax CAS (Digitenne), MediaGuard CAS (CanalDigitaal), Viaccess CAS (vroeger door Mr Zapp toegepast), etc. Al die Conditional Access Systems veranderen niets aan de encryptie van het kanaal, alleen de manier van decryptie keys generatie en verzending verschillen.
Wil standaard DVB-C apparatuur het verzonden gecodeerde digitale kanaal kunnen decoderen dan moet er in het apparaat dus een (embedded) Conditional Access Module (CAM) zitten die begrijpt hoe het gekozen Conditional Access System de decryptie keys verzendt en de keys juist kan interpreteren. Bij ontvangers die speciaal voor een kabelbedrijf worden uitgebracht zit die CAM embedded in de ontvanger (meestal een software matige CAM), maar voor standaard DVB apparatuur is dat niet handig omdat een fabrikant dan voor iedere CAS een andere uitvoering zou moeten uitbrengen van het apparaat. Daarom is door de DVB groep de zogenaamde Common Interface (DVB-CI) specificatie opgesteld waarin Conditional Access Modules geplaatst kunnen worden die werken met het gekozen CAS van de aanbieder.
Bij UPC zou in principe dus een regulier verkrijgbare Nagravision CAM gebruikt moeten kunnen worden en bij de overige kabelbedrijven een regulier verkrijgbare Irdeto 2 CAM. De Nederlandse kabelbedrijven inclusief UPC proberen echter standaard DVB-C apparatuur met Common Interface slot te weren waardoor hun smartcard niet wil werken de regulier verkrijgbare CAM's. De overige kabelbedrijven hebben gekozen voor het toepassen van een zogenaamde camkey waardoor de smartcard alleen wil werken in goedgekeurde ontvangers wat niet helemaal waterdicht is waardoor een AlphaCrypt CAM die ook een licentie heeft voor de Irdeto 2 codering toch gebruikt kan worden. UPC maakt gebruik van een zogenaamde boxkey waardoor de smartcard alleen wil werken in de uitgeleverde ontvanger. Daar is geen generieke oplossing voor te verzinnen waardoor Nagravision CAM's dus niet gebruikt kunnen worden. UPC zou zelf wel een Nagravision CAM kunnen uitleveren samen met een smartcard die net als bij de ontvangers gekoppeld is middels een boxkey, maar dat willen ze niet net als de overige kabelbedrijven in Nederland geen eigen Irdeto 2 CAM willen uitbrengen.
OpenTV is een uitbreidingslaag bovenop de DVB specificatie, zogenaamde middleware. De DVB specificatie voorziet in dergelijke mogelijkheden via zogenaamde private data uitbreidingen waarvan bijvoorbeeld OpenTV gebruik maakt. Een andere vergelijkbare variant is bijvoorbeeld Multimedia Home Platform (MHP). Dergelijke middleware wordt gebruikt voor Video On Demand toepassingen, IP-TV toepassingen, interactieve diensten, etc. Een standaard DVB apparaat dat geen ondersteuning biedt voor dergelijke middleware toepassingen heeft er ook geen last van aangezien de DVB specificatie aangeeft dat een standaard ontvanger dergelijke private data die het niet begrijpt dient te negeren. De recente keuze voor OpenTV bij de overige kabelbedrijven net als bij UPC heeft dus technisch gezien geen gevolgen voor het aanbod van de aanbevolen Irdeto 2 kabelontvangers voor die kabelbedrijven. Die blijven ook gewoon werken zoals ze altijd al werken wanneer OpenTV wordt toegevoegd er komen alleen nieuwe ontvangers bij die als extra ook ondersteuning bieden voor de OpenTV diensten.
Als een standaard DVB-C ontvanger frabrikant ook een licentie neemt bij OpenTV dan kan een dergelijke fabrikant dus ook ondersteuning gaan bieden in zijn standaard ontvanger voor OpenTV aangezien de specificaties van een dergelijke implementatie ook vastliggen. UPC is wat dat betreft dus echt niet op een bijzondere manier bezig. Voor de Nederlandse omroep bedrijven is het prettig dat de overige kabelbedrijven ook hebben gekozen voor OpenTV zodat zij eventueel maar voor één middleware platform interactieve diensten hoeven te ontwikkelen.
Conclusie: Er worden allang standaarden toegepast in Europa, maar de kabelbedrijven trachten te doen voorkomen alsof ze met iets heel bijzonders bezig zijn waarvoor alleen zij ontvangers zouden kunnen uitbrengen c.q. goedkeuren. In feite gaat het alleen om het afschermen van hun eigen commerciele belangen en zijn ze bang om de controle kwijt te raken. Het is immers makkelijker om ontvanger fabrikanten te verplichten bepaalde geld genererende diensten in te bouwen als je zelf kan bepalen welke fabrikanten je wel en niet toelaat op je digitale TV signaal.