- Berichten
- 566
- Internet
- Ziggo
- Digitale TV
- Ziggo
Camera’s, iedereen heeft er tegenwoordig wel een. Maar 40 jaar geleden was dat wel anders. Pas eind jaren 70 in de vorige eeuw werden camera’s betaalbaar voor de gewone man en gingen mensen een fototoestel kopen. Daar gingen vroeger nog analoge fotorolletjes in en er waren verschillende type rolletjes. Je kon ze kopen met 12, 24 en 36 opnames en gemiddeld schoten Nederlanders 2,5 rolletje per jaar vol. De meesten kozen voor 36 opnames en daarmee werden vakanties, verjaardagen en andere feesten vastgelegd. Je schoot eerst het hele rolletje vol en dan bracht je hem weg. Na gemiddeld twee weken wachten haalde je in spanning je foto’s op en ging bekeek je de resultaten. Vervolgens plakte je je foto’s in een album, plakte er nog wat meegebrachte prularia bij en voorzag de foto’s van commentaar. Iedereen die langs kwam werd het album getoond en vervolgens eindigde het album in de kast bij de andere albums.
Anno 2012 gaat dat heel anders. Inmiddels nemen de meeste mensen foto’s met 2 apparaten: de mobieltjes voor alledaagse dingen en eventueel nog een losse camera (vaak een spiegelreflex) voor de “kodak momenten”. We schieten er al een tijdje flink op los en de meeste mensen hebben volgens mij al duizenden foto’s op het computer staan. Vervolgens doen we er weinig mee. Sommige mensen hebben inmiddels al eens meegemaakt dat de computer kapot is gegaan en of dat de CD-ROM’s van 10 jaar geleden niet meer gelezen kunnen worden. Weg foto’s. En dat is jammer want het zijn wel onze levensherinneringen.
De volgende stap is uploaden naar de cloud. Veel mensen hebben hier een beeld bij dat al hun foto’s dan voor iedereen te bekijken zijn. Dat is onterecht want bij de meeste foto websites kun je kiezen wie welke foto’s mag zien. Je kunt per foto of collectie kiezen voor openbaar, alleen voor vrienden/familie of privé. Als je nog twijfelt, niet doen, upload alles naar een Picasa of Flickr account en zet alles op privé. Je foto’s zijn dan in ieder geval ergens opgeslagen en je kunt er altijd bij. Niet alleen thuis achter de computer maar overal. Maar ook via de smartphone en tablet. Kwestie van het account invullen en je hebt toegang tot je digitale fotoalbum. Bij de meeste smartphones kun je tegenwoordig zelfs direct uploaden naar je digitale album.
Een andere ontwikkeling is Facebook. Steeds meer mensen ontdekken Facebook en worden verleid om hun foto’s hier te delen met anderen. Naast je gewone sociale leven ontstaat er inmiddels ook een digitaal sociaal leven en zonder elkaar live te zien weet je precies wat je familie en vrienden mee maken. Foto’s zijn gemakkelijk te delen en anderen geven hun commentaar. Echter is Facebook niet de perfecte backup tool, je zal slechts selectief bepaalde foto’s willen delen.
Websites zoals Picasa en Flickr zijn echt geoptimaliseerd voor fotoweergave. Je kunt foto’s makkelijk uploaden, sorteren en bewerken. Zo langzamerhand komen de 3.0 tools beschikbaar zoals automatische herkenning van gezichten, ontdubbelen, etc. Over een paar jaar kun je denk ik selectieve zoekopdrachten geven zoals: toon me alle foto’s van Robert Webbe die gemaakt zijn in Amsterdam in de maand juni in de avond. Dit soort handigheidjes hebben we dan hard nodig want als je tienduizendenden foto’s hebt ga je niet meer zitten bladeren. Je wilt dan kunnen zoeken op basis van critera.
Als je tegenwoordig een foto maakt met een beetje smartphone dan wordt er al heel veel vast gelegd. Uiteraard de datum, de tijd maar ook waar de foto is gemaakt (dankzij GPS), welke richting (dankzij het digitale kompas) en allerlei fototechnische zaken zoals de zoom, lichtsterkte, etc. (dankzij de EXIF data). Met deze informatie weet je dus precies wat er op de foto zou moeten staan zonder het beeld bekeken te hebben. Deze informatie zit in de metadata van de foto verwerkt en steeds meer fotowebsites gebruiken deze data.
Microsoft en Google werken beide aan een leuk project. Ze speuren automatisch het internet af naar publiekelijke foto’s van bepaalde populaire plaatsen. Neem bijvoorbeeld de Eiffeltoren, dagelijks worden daar duizenden foto’s van gemaakt. Slechts een fractie hiervan wordt publiekelijk beschikbaar op internet gezet maar dat zijn er al zoveel dat je van al deze losse foto’s automatisch een 3D model kunt maken. De Eiffeltoren is werkelijk vanuit alle hoeken wel op de foto gezet en als er details zijn die de moeite waard zijn om in te zoomen dan staat dat ook wel duizenden keren op de foto. Als je al deze foto’s dan automatisch “aan elkaar naait” dan ontstaat er een prachtig 3D plaatje. Je kunt dan rondom het object bekijken en inzoomen op plekken die de moeite waar zijn. Of het beeld vanaf de Eiffeltoren: https://photosynth.net/view.aspx?cid=700491d2-6d9a-442d-9bed-c1bd9935b5b0.
Een ander leuk voorbeeld van toekomstige projecten is de versnelde veroudering. Je ziet telkens hetzelfde object maar dan verschuift de tijdlijn ineens. Langzaam zie je veranderingen in de omgeving en bij de mensen erom heen. Geschiedenisboeken zullen nooit meer hetzelfde zijn.
De digitale foto’s die de afgelopen 20 jaar zijn gemaakt bevatten vaak nog geen extra informatie. Met een beetje gelukt stond de datum en tijd goed ingesteld en had de foto een beschrijvende naam. Deze foto’s zijn nu wel gevonden en worden gebruikt. Aan de hand van allerlei algoritmes wordt bekeken waar de foto is gemaakt en wordt bepaald welk puzzelstukje het is.
Dit is natuurlijk het begin en het werkt alleen nog voor objecten waar heel veel mensen foto’s van maken. Het is een kwestie van tijd dat je dit op je persoonlijke collectie kunt loslaten en kunt zien hoe je kind veranderd in de loop van het leven.
Ik ga weer verder dromen....
@RobertWebbe
Anno 2012 gaat dat heel anders. Inmiddels nemen de meeste mensen foto’s met 2 apparaten: de mobieltjes voor alledaagse dingen en eventueel nog een losse camera (vaak een spiegelreflex) voor de “kodak momenten”. We schieten er al een tijdje flink op los en de meeste mensen hebben volgens mij al duizenden foto’s op het computer staan. Vervolgens doen we er weinig mee. Sommige mensen hebben inmiddels al eens meegemaakt dat de computer kapot is gegaan en of dat de CD-ROM’s van 10 jaar geleden niet meer gelezen kunnen worden. Weg foto’s. En dat is jammer want het zijn wel onze levensherinneringen.
De volgende stap is uploaden naar de cloud. Veel mensen hebben hier een beeld bij dat al hun foto’s dan voor iedereen te bekijken zijn. Dat is onterecht want bij de meeste foto websites kun je kiezen wie welke foto’s mag zien. Je kunt per foto of collectie kiezen voor openbaar, alleen voor vrienden/familie of privé. Als je nog twijfelt, niet doen, upload alles naar een Picasa of Flickr account en zet alles op privé. Je foto’s zijn dan in ieder geval ergens opgeslagen en je kunt er altijd bij. Niet alleen thuis achter de computer maar overal. Maar ook via de smartphone en tablet. Kwestie van het account invullen en je hebt toegang tot je digitale fotoalbum. Bij de meeste smartphones kun je tegenwoordig zelfs direct uploaden naar je digitale album.
Een andere ontwikkeling is Facebook. Steeds meer mensen ontdekken Facebook en worden verleid om hun foto’s hier te delen met anderen. Naast je gewone sociale leven ontstaat er inmiddels ook een digitaal sociaal leven en zonder elkaar live te zien weet je precies wat je familie en vrienden mee maken. Foto’s zijn gemakkelijk te delen en anderen geven hun commentaar. Echter is Facebook niet de perfecte backup tool, je zal slechts selectief bepaalde foto’s willen delen.
Websites zoals Picasa en Flickr zijn echt geoptimaliseerd voor fotoweergave. Je kunt foto’s makkelijk uploaden, sorteren en bewerken. Zo langzamerhand komen de 3.0 tools beschikbaar zoals automatische herkenning van gezichten, ontdubbelen, etc. Over een paar jaar kun je denk ik selectieve zoekopdrachten geven zoals: toon me alle foto’s van Robert Webbe die gemaakt zijn in Amsterdam in de maand juni in de avond. Dit soort handigheidjes hebben we dan hard nodig want als je tienduizendenden foto’s hebt ga je niet meer zitten bladeren. Je wilt dan kunnen zoeken op basis van critera.
Als je tegenwoordig een foto maakt met een beetje smartphone dan wordt er al heel veel vast gelegd. Uiteraard de datum, de tijd maar ook waar de foto is gemaakt (dankzij GPS), welke richting (dankzij het digitale kompas) en allerlei fototechnische zaken zoals de zoom, lichtsterkte, etc. (dankzij de EXIF data). Met deze informatie weet je dus precies wat er op de foto zou moeten staan zonder het beeld bekeken te hebben. Deze informatie zit in de metadata van de foto verwerkt en steeds meer fotowebsites gebruiken deze data.
Microsoft en Google werken beide aan een leuk project. Ze speuren automatisch het internet af naar publiekelijke foto’s van bepaalde populaire plaatsen. Neem bijvoorbeeld de Eiffeltoren, dagelijks worden daar duizenden foto’s van gemaakt. Slechts een fractie hiervan wordt publiekelijk beschikbaar op internet gezet maar dat zijn er al zoveel dat je van al deze losse foto’s automatisch een 3D model kunt maken. De Eiffeltoren is werkelijk vanuit alle hoeken wel op de foto gezet en als er details zijn die de moeite waard zijn om in te zoomen dan staat dat ook wel duizenden keren op de foto. Als je al deze foto’s dan automatisch “aan elkaar naait” dan ontstaat er een prachtig 3D plaatje. Je kunt dan rondom het object bekijken en inzoomen op plekken die de moeite waar zijn. Of het beeld vanaf de Eiffeltoren: https://photosynth.net/view.aspx?cid=700491d2-6d9a-442d-9bed-c1bd9935b5b0.
Een ander leuk voorbeeld van toekomstige projecten is de versnelde veroudering. Je ziet telkens hetzelfde object maar dan verschuift de tijdlijn ineens. Langzaam zie je veranderingen in de omgeving en bij de mensen erom heen. Geschiedenisboeken zullen nooit meer hetzelfde zijn.
De digitale foto’s die de afgelopen 20 jaar zijn gemaakt bevatten vaak nog geen extra informatie. Met een beetje gelukt stond de datum en tijd goed ingesteld en had de foto een beschrijvende naam. Deze foto’s zijn nu wel gevonden en worden gebruikt. Aan de hand van allerlei algoritmes wordt bekeken waar de foto is gemaakt en wordt bepaald welk puzzelstukje het is.
Dit is natuurlijk het begin en het werkt alleen nog voor objecten waar heel veel mensen foto’s van maken. Het is een kwestie van tijd dat je dit op je persoonlijke collectie kunt loslaten en kunt zien hoe je kind veranderd in de loop van het leven.
Ik ga weer verder dromen....
@RobertWebbe

